het leven volgens henkdecorte

02 juni 2009

Decreet ter afschaffing van de korte vraagjes

Overal hoor ik journalisten, politicologen én politici klagen dat deze verkiezingscampagne nergens over gaat. Er is geen inhoudelijk debat, en als er hier en daar toch al stoemelings een inhoudelijk debat opduikt gaat het over zaken waar Europa noch de regio's bevoegd voor zijn.
Is dat de schuld van de politici? Ik zeg u: neen! Het is de schuld van de korte vraagjes.
Ik stel dan ook voor dat alle partijen op de valreep nog een punt toevoegen aan hun partijprogramma. Een programmapunt waar iedereen, van welke partij ook, het volmondig, roerend én volkomen mee eens zal zijn. Nog nooit zal in het Vlaamse parlement een decreet in volle eenparigheid zo snel goedgekeurd zijn. Het betreft een decreet ter afschaffing van de korte vraagjes.

Het is dé trend van deze verkiezingen: de korte vraagjes. Ik hoor ze zowel op de VRT als bij VTM, zowel op radio als op televisie. En ik word er zot van.

  • aan Filip Dewinter: Turken of Marokkanen?
  • Frank Vandenbroucke: Freya Van den Bossche of Louis Tobback?
  • Freya Piryns: belastingen omhoog of belastingen omlaag?
  • Jean-Marie Dedecker: inspecteur Poirot of detective Van Zwam?
  • Peter Mertens: Jezus Christus of Che Guevara?
  • Mia De Vits: KBC redden of Opel redden?
  • Dirk Van Mechelen: jobkorting of BAM?
  • Erik De Bruyn: Peter Mertens of Frank Vandenbroucke?
  • Bart De Wever: Conscience of Hugo Claus?
  • Mieke Vogels: ecotaks voor iedereen of vermogensbelasting voor de rijken?
  • Jean-Luc Dehaene: Dexia redden of Club Brugge kampioen?
  • Bart Somers: Jean-Marie Dedecker of Dirk Vijnck?
  • Kris Peeters: Geert Bourgeois of Dirk van Mechelen?
  • ...

En niet alleen ik word daar zot van. Ik zie aan alle politici dat ze die vraagjes haten. En terecht. Je ziet ze denken: "ik wil hier niet op antwoorden, ik wil hier niet aan meedoen maar als ik dat zeg kom ik flauw of onsportief over en dat moet ik ten alle tijde vermijden." En dus doen ze maar mee. Als kinderen die hun spruitjes opeten, met zeer lange tanden maar goed wetende dat ze er toch niet onderuit kunnen.

Wat is de bedoeling van die vraagjes? Ze zijn nooit grappig, ze zijn zelden relevant en ze zijn een politiek interview onwaardig. Politiek vraagt om nuance en uitleg. Die zijn per definitie niet mogelijk in korte vraagjes met nog kortere antwoorden. Want o wee als je als politicus durft te reageren met een antwoord van meer dan 4 syllaben. Dan krijg je meteen Lisbeth Imbo of Ivan De Vadder op je nek. "u moét kiezen mijnheer Dehaene: Verhofstadt of Barosso?"

Het enige wat deze korte vraagjes ons duidelijk maken is welke politicus het meest ad rem kan reageren. Als dat een referentie is voor de politieke bekwaamheid van onze politici dan moeten Bart De Wever en Louis Tobback morgen samen het land besturen en mogen Kris Peeters en Mieke Vogels een nieuwe job zoeken.

Politiek is net uitleg geven en mensen proberen te overtuigen van je visie op de maatschappij door argumenten aan te brengen en soms ook om onpopulaire maar noodzakelijke maatregelen te duiden . Als Groen! geen belastingverlaging wil moet je hen laten uitleggen waarom ze dat niet willen. En als Jean-Marie Dedecker als enige pleit voor ondergronds goederentransport dan wil ik hem dat wel eens horen argumenteren. En dat vergt iets meer uitleg dan: "extra rijstroken of meer openbaar vervoer? U moet nu antwoorden mijnheer Dedecker."

Het absolute toppunt - of dieptepunt dus eigenlijk - zag ik vorige week ergens in het laatavondjournaal. Een VRT-journalist vroeg enkele toppolitici wie ze liever dood dan levend zagen. Ik dacht eerst dat ik het slecht begrepen had. Zo diep konden ze toch niet gevallen zijn? Toch wel. "Mijnheer Dewinter, van welke politieke tegenstander zou het u een plezier doen als die er niet meer was?" Dewinter keek 1 seconde raar op en zei dan iets over het slechte karakter van Frank Vandenbroucke. Toen een gelijkaardige vraag gesteld werd aan Bart Dewever kreeg ik opnieuw hoop: Bart vroeg zich luidop af of hij de vraag goed verstaan had en na de herhaling keek hij de journalist vol ongeloof aan en zei vlakaf "neen, daar doe ik niet aan mee."
Zou die journalist beseffen dat Bart De Wever écht weet hoe het voelt om een doodsbedreiging in de brievenbus te vinden? Wellicht niet. Als hij maar leuke korte vraagjes kan bedenken. Dàt is de belangrijkste eigenschap van de moderne politieke journalist.

Voor deze campagne is het min of meer te laat, maar ik hoop dat de politici zo slim zijn om tegen voldende keer onder elkaar af te spreken dat ze niet meer mee doen aan die korte vraagjes. Of beter: dat ze dat decreet maar stemmen. Afschaffen die handel. Censuur. NU!

Geen opmerkingen: